Joeri Gorter

Joeri relaxed met een peuk in het zonnetje aan de boulevard van Mirtos, Kreta

1629.1Zo herinner ik mij Joeri ook, genietend van de kleine dingen in het leven, een peukje in de zon.
Even lekker roetsen naar de andere kant van het eiland en in Kalo Chorio een biertje op het terras. Graag een lekkere hap, liefst ecologisch, voedsel erbij want we moeten weer terug die bult over.
Twee keer zijn we met Joeri op Kreta geweest en daar heb ik hem leren kennen als een zeer aimabel mens en een levensgenieter. Joeri ging op in wat hij deed of dat nou een goed gesprek was of een zware roeifietstocht of een lekker wijntje drinken bij het eten.
Hij ging daar zo in op dat hij verder alles kon vergeten en zodoende kwam hij wel eens chaoties over terwijl hij dat niet was.
De laatste keer op Kreta werd hij de middag voor zijn vliegreis terug door iemand in de groep eraan herinnerd dat hij de volgende dag terug zou vliegen;
“Oh, oh; is dat zo, dan ga ik gauw pakken” was zijn reactie druk heen en weer kijkend naar waar hij zijn fiets nu weer had gezet.

Joeri logeerde nog even bij ons op doorreis naar FrankrijkJoeri was Joeri, een toffe vent, een vriend.
Wij zullen Joeri heel erg missen.
Zijn markante en kleurrijke persoonlijkheid staat in ons geheugen gegrift.Derk & Caroleen

Jacques Choppinet over Joeri

Jacques Choppinet over JoeriJoeri was al jaren meer dan een sportmakker, hij was een vriend geworden.
Wij hebben zoveel mooie momenten samen meegemaakt, hij was warm, begripvol, een steun, altijd een oprecht luisterend oor, idealistisch en liefdevol, … wat een verlies, het doet pijn zo’n prachtvriend te verliezen.
Een heel fijne mooie mens… hij heeft groot indruk op ons allen gemaakt, op Kreta en op onze tochten samen, ik zal hem nooit vergeten, Hij was voor mij een voorbeeld van levensvreugde.
Hij deelde zo graag zijn inzichten over ecologie, natuurvoeding, het leven. Hij kon ook zo expressief en passioneel vertellen, … over de boeken die hij las, over zijn idealen, over Don Quichote, over Spinoza.We zagen er zo naar uit om hem telkens terug te zien.
Joeri blijft in mijn hart gegrift.
Ik ben dankbaar dat ik hem heb mogen ontmoeten.Jacques Choppinet

Alexander Strietzel

Alexander StrietzelIch stimme dem, was Jacques gesagt hat voll zu. Ich werde Joeri vermissen und ihn nicht vergessen.

Alexander

Joeri’s eerste reisverslag uit de states 24 september 2008

Joeri's eerste reisverslag uit de states 24 september 2008Op de roets door de Verenigde Staten

Hoofdstuk 1: “Hey man, that’s an interesting rig you’ve got there!”

Eindelijk is het zover. Ik sta op Schiphol, met de roets in een doos, en mijn tent, slaapzak, en primusbrander in de fietstassen. Mijn bestemming is San Francisco. Vandaaruit zal ik dwars door de Verenigde Staten reizen. Een duidelijk plan heb ik niet. Des te beter: dan kan er ook niets fout gaan.

We zijn geland. Het is al donker als ik wegrijd. Ik had gehoopt mijn tent op te kunnen zetten op een van campings aan de andere kant van Golden Gate bridge. Maar verdomme, alles is hier erg groot en ver. Uitgesloten dat ik dat haal. Bovendien heeft de vliegreis me gesloopt. Dus ik crash in de berm om even een tukkie te doen. Morgenochtend zien ik wel verder. Maar al om half drie wordt ik gewekt door het licht van een zaklamp in mijn ogen. Dat is de Highway Patrol, op zoek naar zwervers. De reflector van mijn toptas had me verraden.

Zo heel vroeg in de morgen rijden er al behoorlijk wat fietsers over de Golden Gate Bridge. Hier in “San Fran” is de fiets net zo populair in het woon-werk verkeer als bij ons. Het eerste stuk langs de baai voert over een mooi fietspad. Na een kilometer of zestig sla ik linksaf richting San Rafael, en vandaar uit door Lucas Valley. Dat is een schitterende vallei, met aan weerskanten rollende heuvels. Hier en daar zie je een boerderij, in die typische houten bouwstijl die we kennen van western films. Na Lucas Valley kom ik in Napa County. Hier wordt veel wijn verbouwd, maar je ziet ook veel tuinbbouw, vooral appels en noten. Na de eerste dag staat er een dikke 200 km op de teller, ondanks het heuvelachtige terrein. Dat is dan weer een voordeel van zo vroeg opstaan. Maar moe ben ik wel.

De volgende dag is kloten van de bok. Het is bloedheet, en het landschap is ronduit saai. Bovendien moet ik over highway 12 oostwaarts, want ik wil naar Yosemite National Park. Deze weg weg wordt druk bereden in beide richtingen. Ondanks glas en grind beluit ik daarom op de vluchtstrook te blijven. En ja hoor: pss, lekke achterband. Dat betekent ellende, want een bandje goed centreren met de velg die ik heb is geen sinecure. Ik hobbel nog een paar kilometer verder, en pss lekke voorband. Nu heb ik het helemaal gehad met highway 12. Ik leg mijn roets in de kant en steek mijn duim op. Na enkele minuten stopt er een pick-up truck. Roets in de achterbak, en op naar Lodi, het volgende stadje. Het moet gezegd, de Amerikanen hier in Californie zijn bijzonder vriendelijk en behulpzaam. Ze maken graag een praatje, en zijn zeer onder de indruk van de roets. Lodi is afschuwelijk lelijk. Maar er is wel een fietsenmaker. Tegen het eind van de middag ligt de achter band er weer om, heb ik nieuwe binnenbandjes, en heb ik de versnellingskabels ook maar vernieuwd, want die liepen op hun laatste benen. Ik pak hier maar een Motel. Dan kan ik lekker douchen. Yosemite National Park ga ik toch niet meer halen.

De Foothills van de Sierra Nevada zijn prachtig. Dat belooft veel goeds. In Copperopolis stop ik voor een Pale Ale in een 19e eeuwse Saloon, gerund door de 71 jarige Mister Oudekerke, een ex-bokser, en dat is hem nog steeds aan te zien. De Amerikanen zijn trots op hun roots. Hij vind het leuk dat er Nederlander binnenwandelt. De stamgasten vinden mijn idee van vakantie vieren “nuts”. Maar ja, no nuts no glory! Bij het vallen van de avond raakt mijn water en mijn eten op, terwijl er langs de route vrijwel geen spoor van menselijke beschaving is. Doorrijden tot Big Oak Flat dan maar. Nog maar 15 mijl stond er op de borden, maar wel 15 mijl klimmen. Zwaar, zwaar, zwaar met volle bepakking!

Vandaag pas bereik ik Yosemite. Ik moet nog steeds wennen aan de schaal van de Verenigde Staten. Alles is hier werkelijk veel groter. Denneappels zo groot als dinosauriereieren, om over de mannenbuiken niet te spreken. Vanaf nu is hety alleen maar klimmen. Maar wat een prachtige natuur. Bij elk uitzichtpunt krijg ik kriebels in mijn buik. Zo mooi is het hier. Ook hier zie je veel fietsen, alleen op de daken van de auto’s die voorbij rijden. Wat een slap gedoe! De enige Amerikanen die hier in het oosten van Californie werkelijk fietsen zijn de dropouts. Rare types met karretjes vol rotzooi. Tegen de avond bereik ik Tulomne Meadows, een weide hoog in de bergen. Zodra de zon onder is begint het te vriezen. Ik zet mijn tent op, trek alles aan wat ik heb. Het is net doen.

Ik dacht dat ik nog een eindje moest naar de Tioga Pas. Maar na tien kilometer klimmen ben ik er al. 10000 feet. Dat is volgens mij 3000 meter. Vanaf hier heb ik een prachtige afdaling. Ik haal gemakkelijk 80 in het uur. Bliep! Geflitst voor speeding. Ik ben benieuwd naar de gezichten van de Highway Patrol wanneer ze de foto zullen bekijken. Beneden sla ik rechtsaf richting het stadje Bishop. Dat is nog ongeveer honderd kilometer. Appeltje eitje, want ik rijd de Sierra Nevada alweer uit, dus de weg gaat meest bergaf.

In Bishop houd ik een dagje rust. Hier is zowaar een goede bakker. Kan ik mooi even internetten. En zowaar een ligfietser! Weer zo’n rare snuiter, maar erg aardig. Vanavond slaap ik bij hem in de trailor.

Joeris tweede reisverslag 4 october 2008

Joeris tweede reisverslag 4 october 2008Hoofdstuk 2: There’s only one way to go, and you live it day by day!

Ik blijf een paar nachten logeren in de trailer van Larry. Hij helpt me uit de brand met een telefoonoplader en een reserve 451 voorbandje. Dat kan geen kwaad, want die zijn ook hier moeilijk te krijgen. Samen rijden we over de vluchtstrook van Highway 395 naar het stadje Lone Pine. We hebben de bergkam van de Sierra Nevada. In Lone Pine zelf is het gezellig druk met wandelaars, die vanuit hier de Mount Whitney beklimmen, de hoogste berg van de Verenigde Staten, tenminste, als je Mount McKinley in Alaska niet meetelt.

Vanuit Lone Pine gaat het linksaf, weer een bergkam over. Larry blijft achter, maar ik wil graag door naar Death Valley National Park. Hier regent het bijna nooit, en bakt de zon onafgebroken op de rotsen. Er groeit steeds minder: hier en daar een cactus, later slechts nog wat dorre bosjes. Van oudsher wonen in deze streek de Shoshone indianen. Hoe krijgen ze het voor elkaar? De omgeving staat vijandig tegenover elke vorm van leven lijkt het. Zelfs de insecten laten het afweten. Het eerste dal van heet Paramint Valley. Ik rijd het ‘s-ochtends om een uur of tien al in, na een spectaculaire afdaling. In Paramint Springs, een kleine oase halverwege kan ik weer water tappen en een koel biertje drinken op het terras van het gelijknamige motel. De hitte laat verder rijden niet toe. Het loopt tegen 40 graden in de schaduw en vanaf het terras kan ik de zig zag van Townes Pass zien liggen die over de volgende bergkam naar Death Valley leidt. “Townes Pass is a bitch” had een fietser in Lone Pine me gewaarschuwd, met kilometers achter elkaar 13 procent stijgingspercentage. Aangezien behalve de 20 kilo bagage ook nog eens acht liter water omhoog moet zeulen neem ik het zekere voor het onzekere, en zit ik de hitte uit op het terras. Maar wat een schitterend uitzicht! De rotsen kleuren rood, en in het dal beneden zie ik vreemde stofwolken opstijgen. Ik spring op de roets en rijd naar beneden. De stofwolken worden veroorzaakt door een kei en keiharde wind. Ik wordt letterlijk van de roets geblazen. Tegen de tijd dat ik de voet van Townes Pass bereik is het donker, en draait de wind nu heb ik hem pal tegen. Inderdaad, Townes Pass is bitch. Tegen mijn gewoonte in moet ik een stuk lopen. Gaandeweg wordt de pas minder steil en kan ik mezelf al rijdend omhoog wrikken. Tot overmaat van ramp begint het ook nog eens te regenen. Nu is het mooi geweest. Snel gestopt en mijn tent opgezet in de berm van de weg. Dit blijkt een goede beslissing, want zodra hij staat komt het met bakken tegelijk uit de lucht, en gaat het nog harder waaien. Wat een omstandigheden!

De volgende ochten blijk ik op twee kilometer na de pas bereikt te hebben. Meevallertje! De lucht is weer knalblauw en de weg loopt kaarsrecht naar beneden. Ik raak dit keer de remmen niet aan, en binnen no time zit ik op 89 km/uur. Leuk, mijn snrelheidsrecord van 22 jaar geleden gebroken, en dat nog wel met bepakking. Death Valley lijkt op Paramint Valley, maar is veel groter, en vooral, ligt veel dieper. Het schijnt het diepste punt van het westelijk halfrond te zijn. Daarom blijft de hitte er hangen. Het is september in 45 graden in de schaduw. De bergen aan de overkant heten de Funeral Mountains, een groepje dorre struiken de Devil’s Corn Field. De namen zeggen genoeg. Toch gaat het goed. Ik heb de wind in de rug en krijg veel aanmoedigingen van de Amerikanen: getoeter en gebalde vuisten vanuit de autoramen. Aan het eind van de ochtend wordt de hitte ook mij teveel, en ik stop in Furnace Creek. Dit is weer een oase. De ene buslading toeristen na de andere stapt hier uit, drinkt een biertje, en koopt een Death Valley T-shirt. Mijn plan is ‘s-avonds weer door te rijden, maar ik ben te moe. Zodra de zon onder is rol ik mijn matje uit en ga slapen, voortzover dat mogelijk is, want ook ‘s-nachts blijft het hier dik boven de 35 graden.

In het holst van de nacht wordt ik gewekt door een akelig gehuil. Wat is dit? De coyotes zijn op jacht. Er is hier dus toch leven in het dal. Maar door de hitte werkt slechts de nachtploeg. De ene coyote begint, de ander haakt in. Er is geen peil op te trekken waar het precies vandaan komt maar het lijkt heel dichtbij. Ze hebben het toch niet op mij gemunt? Nu wreekt zich dat ik geen snars van de natuur weet. Had ik geweten dat die beesten slechts vogeleieren, kleine reptielen en afval eten, dan had ik me niet zoveel zorgen gemaakt. Voor het krieken van de dag sta ik op om mijn spullen te pakken en weg te rijden. Hoewel ik nog moe ben is dit de enige manier om dit dal uit te komen. Onderweg kom in Shoshone indiaan tegen, uit het kleine reservaat van houten keten vlakbij het toeristencentrum. Hij groet met enthousiast. Deze groet doet me meer goed dan alle aanmoedigingen van de vorige dag. De Shoshone keuren normaal gesproken niemand een blik waardig. Maar mijn poging om op de roets Death Valley te doorkruiden valt kennelijk in goede aarde. Zij moeten het per slot van rekening ook zonder airco doen. Het eerste stuk gaat vals plat naar beneden richting Badwater, het diepste punt van het dal, zo’n honderd meter beneden zeeniveau. Hier verzamelt zich het water dat na een zeldzame regenbui van de bergketens rondom het dal stroomt. Er ligt een zielig plasje. De rest van Badwater is een droog zoutmeer. Ik ben blij dat ik vroeg ben opgestaan want zo kan ik de eerste tachtig kilometer in de schaduw van de Funeral Mountains rijden. Bij een verlaten zoutmijn draait de weg naar links, en gaat omhoog, het dal uit over twee passen. Verdomme wat is het heet! En verdomme wat is al dat water zwaar. Ik ga deze dag een weer een record zetten: ik drink 16 liter water op 120 kilometer. En volgens mij heb ik meer vaseline op mijn lippen gesmeerd dan op mijn boegspriet. Eindelijk eindelijk ben ik boven en kan ik aan de afdaling naar Shoshone beginnen, een benzinepomp plus Saloon. Dit is het eerste punt na Furnace Creek waar ik weer kan Fourageren.

De volgende etappe gaat van Shoshone naar Las Vegas. Ik pak de Old Spanish Trail in plaats van de Highway. Het nadeel is dat ik weer al het water voor de hele dag zelf mee moet nemen, maar de route is weer schitterend. Klimmen en dalen door een woestijn van grillige rotsen. Ik kom onderweg niemand maar dan ook niemand tegen. Omdat het minder warm is kan ik gewoon doorrijden zodat ik ‘s-middags al Las Vegas bereik. Vlak buiten de stad is de Red Rock Canyon. Bij een ondergaande zon is dit misschien wel het mooiste dat ik tot dusver gezien heb. Ik zet mijn tent op, en kijk uit over de glitters van de stad beneden in het dal. Een enorme oranje gloed a la het Westland verlicht de hemel, terwijl er vliegtuigen en helicopters af en aan vliegen. Het lijkt wel een science fiction film, na een paar dagen woestenij.

Nawoord van de familie: Op dit punt eindigde de weg voor Joeri abrupt. Enkele dagen voor zijn noodlottige ongeval hebben we nog met hem getelefoneerd: Hij genoot met volle teugen en was vol goede moed. Helaas kwam in één sekonde een einde aan zijn prachtige reis en alle mooie plannen die hij voor zijn verdere leven had.

Source: The weblog of James Peter – 05 oct. 2008

Source: The weblog of James Peter - 05 oct. 2008
The way to Yosemite is a long and winding road. The Sierra’s many mountains, sharp curves, and huge RVs keep us alert. One wrong turn and you fall long ways. Go bye bye. The only thing memorable about the drive there, besides passing by the prison, was this guy we saw rowing his bike up the mountain road. My buddy Jesse rode his bike cross country and told me about riding climbs that were miles long, but this guy put a rowing machine on a pair of wheels and was going up the frickin’ mountain! Craziness! After stopping in a town a few miles from Yosemite, Brian and I roll into the northwest corner of the park and settle into the Hodgdon Meadow Campground, about 45 minutes northwest of the Yosemite Valley. We put our food in the bear locker, popped up the tent, and played a bit of Stratego before crashing. The moon and night stars were shining bright that night! After being in the city for so long, you forget how nice it is to look up and see the stars.
….We pick up some firewood at one of the turnouts and head back to our campsite. Why buy firewood when you can grab the stuff from the forest for free? While prepping dinner and enjoying some beverages, we see the rowingbike guy coast into our campsite and we do a double take. “Wanna beer?” we ask him as we prepare the yardbird, rice, and beans. We exchange hellos, offer him a drink, and invite him to dinner. Jaori is a 30-something who is taking a break from Holland and rowing his bike all around the U.S. The rowing bike really is a series of complex levers and pulleys. The setup is just like a recumbent bicycle, but the rider does not propel himself by peddling. Instead, the chain has been replaced by a nylon rope and the rider pushes with the legs while pulling the arms. Talk about a full body workout. Joeri was in shape, but he loved cigarettes During the three hours we ate and drank he prolly smoked at least seven Marlboro Reds…We talked into the night about America, Holland, soccer, the president, and many more topics. I think there was some definite bonding going on between Brian and Jaori when the topic changed to soccer. Both guys talked about the soccer players who they admired and all that�that stuff still is Greek to me. The only soccer players that I know of are Zinedine Zidane and Diego Maradona. The activity from the long hike and the good drinks took their tool. At about 930 I hit the wall and was dozing off. It was lights out after about two minutes into the sleeping bag….

Dennis Vermeij over Joeri

Dennis Vermeij over JoeriIk ben er nog steeds van ondersteboven, net als anderen denk ik.
Dit puzzeltje klopt voor mij nog niet, deze levensgenieter was nog lang niet klaar.
De eerste keer dat ik Joeri tegenkwam was op het EK roeifietsen van 2006.
Hij was met de trein en roets vanaf Middelburg naar de Roompot gekomen en door misrijden het eten gemist.
Ik heb hem wat krentebollen toe kunnen stoppen, want dat roetsen kost veel energie. Dit soort anekdotes passen volledig bij Joeri.
Als hij ergens in opgaat vergeet hij de wereld om zich heen, gelukkig vergeet de wereld om zich heen hem niet.Ik kan zoveel over Joeri opschrijven, de laatste Kreta vakantie heb ik hem goed leren kennen, want vele uren hebben we samen op de Kretense bergen gezwoegd.
Hij droeg regelmatig een t-shirt met de tekst: ‘Het ergste moet nog komen’ helaas is dat veel te vroeg uitgekomen…
Ik ken niemand die zo open, eerlijk, innemend, en ontwapenend is als Joeri.Deze kerel is werkelijk een gemis,Dennis

Ben Groen:

Hallo Roetsvrienden,

Wat een verschrikkelijk slecht nieuws is dit.
Vorige week zat ik nog met plezier Joeri’s reisverslag te lezen en nu is hij er niet meer.
Gister ben ik met enig tegenzin toch op de roets gestapt om het op mijn manier een plek te kunnen geven.
Het ging van geen kant, maar dat is helemaal niet erg in dit geval.

Ik zal Joeri, hoewel ik hem slechts een aantal malen heb ontmoet, erg missen. Zijn openheid, hartelijkheid, humor en intelligentie waren aanstekelijk en niet snel te vergeten.

Mijn gedachten gaan natuurlijk in eerste instantie uit naar zijn naasten, ouders en familie. Wat een gemis!

Ben Groen.

Het ga je goed mijn beste vriend

Het ga je goed mijn beste vriendHij ging op de lange weg
ik zag hem eenzaam gaan
hij keek niet meer achterom
en bleef ook niet staan
waar gaat hij heen
wat is zijn doel
ik weet het niet en waarom ging hij hier weg
een arme dromer die men ziet ?
Een kleine stip die verloren gaat.
En ik was toch blijven staan
opeens zwaaide hij heen en weer
met een klein wit doekje
hij wist toch dat ik daar stond
hij is een man met eigen droom
ging ook niet te vroeg
hij komt zeker niet te laat
het ga je goed mijn beste vriend, ja
hij is iemand die weet waar hij gaat
deze dromer maakt zijn dromen waar.————————- Auteur gedicht: Werner Noorda

Richard Bruijn

Richard BruijnWat erg… – wist van Joeri’s plannen om in Amerika te gaan fietsen – maar deze fatale afloop…
Joeri, ‘de wat filosofisch ingestelde roeifietser’…. mocht helaas- tot aller schrik – de andere ‘coast’ niet bereiken.Richard

Johanna Aarnoutse

Beste allemaal,
Wat een schrik. Mijn oprechte deelneming met familie en vrienden.
Groeten, Johanna

Christophe Douilliez

Christophe Douilliezzo’n nieuws is altijd verschikkelijk, vooral voor de familie en de vrienden,
maar ook voor de kleine gemeenschap van ligfietsers en roetsers,Christophe Douilliez

Menno van Blitterswijk

Menno van BlitterswijkGoh, ik had al het slechte nieuws over een verongelukte roeifietser al gehoord, maar had nog niet begrepen
dat het een roetser betrof die ik net had leren kennen op het EK.
Hier schrik ik flink van.Menno

Christophe Evers

Christophe EversIk heb Joeri maar één keertje ontmoet, op de laatste Cyclevision. Hij kwam na de roeifietsrace naar me toe, stelde zich voor en feliciteerde me als groentje met m’n plaats net achter hem. We babbelden wat en hij besloot dat we elkaar nog geregeld zouden ontmoeten én meten. Ik onthoud vooral zijn ontwapenende en charmante aard. Wat een gemis voor ouders, familie en vrienden…

James & Brian ontmoeten Joeri kort voor het ongeval

“… We met as strangers and departed as friends who planned to meet up in Omaha and Amsterdam for a drink.
We were looking forward to that drink.
Brian and I are saddened about this loss and will miss that reunion.

Hierbij de link naar een herdenkingspagina op de weblog van James en Brian.

theunicycleguy.blogspot.com/2008/10/in-memoriam-of-joeri-gorter.html

Theo & Annemieke Homan

Theo & Annemieke HomanJaaaaaaaaa….. Zo begonnen vele antwoorden van Joeri, daarna nog een kleine slinger van het hoofd of ogen alsof hij nog iets meer tijd nodig had. Het antwoord kon je intussen wel raden : dat moet wel lukken toch, dat is eigenlijk ook wel leuk, maar dat is niet zo erg, dat gaan we zeker een keer doen, viel wel mee eigenlijk, gewoon heerlijk toch……. Nooit een nee, altijd positief, altijd vriendelijk met een aanstekelijke glimlach. Zo blijft Joeri voor ons in herinnering, we zullen een fijn mens erg gaan missen.

Theo en Annemieke Homan

Jacques Choppinet:

Jacques Choppinet:In 2007 stuurde Joeri aan Jaap en mezelf een mail met het volgende bericht over Ronald Snijders (hieronder), dit naar aanleiding van onze gesprekken op Kreta toen.
Als ik de video bekijk herken ik sterk de energie van Joeri.
www.youtube.com/watch?v=NTG2BXDLT7I

Theo van Goor

Theo van GoorIk ken Joeri als een immer vrolijke en enthousiaste roetser.
Een talentvol roetser is ons ruw ontnomen.
Vorig jaar winnaar roeifietsen Cyclevision, Zijn glimmende ogen
tijdens de WK in Belgie na het zetten van een mooie tijd, dit jaar
naast hem gereden op Cyclevision, op Texel samen op de roeitandem met
Theo Homan en als laatste heb ik hem gesproken op Neeltje Jans.
Zijn karakteristieke kale kop met brede lach kan je gewoonweg niet
vergeten.Theo van Goor

Een bericht van Esther Looije-de Haan:

Een bericht van Esther Looije-de Haan:Via de telefoon heeft afgelopen zondag het slechte nieuws mij overvallen: Joeri is verongelukt.
Direct Alco gebeld.
Ongeloof heerst nog steeds.De roetsmaat van Alco zal nooit meer bellen om een afspraak te maken/verzetten.
Nooit meer gezellig per telefoon/ tijdens een drankje/het eten kletsen over ongeacht wat voor onderwerp er op dat moment ter tafel kan komen.
Nooit meer Joeri gelukkig zien/maken met de (zoals Joeri het soms zei:) “overbodige” dingen die ik in mijn auto meesleur om de jongens te steunen.
Zoveel herinneringen aan voorbije dingen en plannen voor de toekomst.
In de geschreven stukjes van andere roetsers staat zoveel herkenbaars.
Toch kan ik geen woorden vinden waarmee ik hem goed kan omschrijven, noch wat hij voor mij betekend(e)
Het meest passende tot nu toe is:Vaarwel JoeriDit woord bevat nl. niet per defenitie een eeuwig afscheid, maar bevat ook een mogelijk tot ziens.
Ik wens allen die hem gekend hebben (in het bijzonder zijn ouders/familie) sterkte met het verwerken van Joeri zijn overlijden.
Vasthoudend aan de titel van zijn tweede verslag:
There’s only one way to go, and you live it day by day!

Familie Nijsse

Wat verschrikkelijk!!
Hij hoorde er op zijn manier gewoon bij…onmisbaar markant onderdeel van een markante sport en pionierend onderweg, ook in de States, blijkt.. Toen we terugvlogen uit Kreta waren de jongens onder de indruk van zijn ‘stijl’; koptelefoon op, swingend in de wachtende rijen. In het vliegtuig kwam de ‘jazz’ voorbij, vele aanknopingspunten. Ongelofelijk dat dit’m overkwam.
Ook veel sterkte hiermee, Lieve groet van Gert-Jan, Rianne, Jan Marien en Gerard

Ingmar Zondervan

Ingmar ZondervanHet bericht dat Joeri is omgekomen in het verkeer is om stil van te worden.
In mijn nog korte roetsbestaan heb ik Joeri leren kennen als iemand met een heel besmettelijk soort enthousiasme. Deze fijne man met die pretogen gaan we heel erg missen.
Ik reserveer vast een plekje op mijn toptas voor hem mocht hij een lift nodig hebben.
Joeri, ik zal je nooit vergeten.
Mijn gedachten zijn bij zijn familie.
Ik wens iedereen veel sterkte met dit enorme verlies.Ingmar Zondervan

De werkgever van Joeri

Jonathan Alaerts:

Jonathan Alaerts:Vaarwel Joeri….
Gisterenavond net voor het slapengaan las ik het vreselijke nieuws.
Joeri Gorter, roetser en optimist is in de VS tijdens een tocht van West naar Oost overleden.
Hij heeft eens een keer bij ons blijven slapen, de avond voor een race, pintjes drinken en sjekkies roken.
Heerlijk…
Nog nooit iemand twee grote sneden brood zien in vieren vouwen en die dan in enkele happen binnen te worgen. om het daarna nog enkele keren over te doen.
edit nog een mooi motto van Joeri: Alles wat je niet meeneemt, is meegenomen…
Achteraf nog enkele prachtige ontmoetingen gehad, shit gast we gaan je glimlach missen.
Ik wou dat ik wat meer als jij was en het positieve meer zag en het negatieve kon laten liggen.
Misschien tot ooit, ik breng je roets wel mee…

Roeivereniging Skadi

Hier het linkje naar een bericht van Skadi
www.skadi.nl/index.php?p=nieuws&id=374

Pieter Groen

Ik heb Joeri een jaar geleden ontmoet terwijl hij op zijn roeifiets meedeed aan de Oud-Skadi toertocht. Slechts een uur heb ik met Joeri gepraat over fietsen, roeien en natuurlijk over de combinatie van die twee. Dit eerste gesprek heeft indruk gemaakt en daarom keek ik dit jaar ernaar uit om wederom met hem te praten. Jammer genoeg was hij er niet bij.

Regelmatig zie ik roeifietsers door de polders roetsen� onbewust houden zij de herinnering in leven.

Mijn gedachten gaan uit naar Klaas en Marijke Gorter. Heel veel sterkte met het verwerken van dit gemis.

Pieter Groen

HP Test Management

Efstathios Tavridis

farewell to a dreamer

“at the first flash of Eden
we raced down to the sea
standing there on freedom’s shore
waiting for the sun
can’t you feel it now that spring has come
that it’s time to live in the scattered sun
waiting for the sun
waiting for you to come along
waiting for you to hear my song
waiting for you to come along
waiting for you to tell me what went wrong
this is the strangest life I’ve ever known
waiting for the sun…”

farewell dear friend
until we meet again
some sunny day…

Stathis Tavridis

Edwin en Esther Matthee

Edwin en Esther MattheeZaterdagavond:

Tussen veel meer mailtjes valt 1 mailtje direct op.
Hij komt van (oom)Derk met als titel: “een heel slecht bericht”
Direct geopend natuurlijk�..
Wat een schrik�.een roeifietser verongelukt!
Hoewel we Joeri alleen meegemaakt hebben op het EK roeifietsen blijft zijn ongeluk ook ons bezig houden.

We wensen Joeri’s ouders, broer, verdere familie en alle mensen die met Joeri een band hadden heel veel sterkte voor nu en de komende tijd.

Edwin en Esther Matthee

Carolien Vermeij:

Carolien Vermeij:Soms ontmoet je iemand die meer indruk achterlaat dan de gemiddelde medemens, zomaar vanwege zijn of haar uitstraling. Joeri was zo iemand. Ik kende hem pas sinds de Kreta vakantie van dit jaar. Daar hebben we in totaal een paar uur met elkaar gepraat over van alles en nog wat, Joeri had interesses genoeg… Maar die paar uur waren bijzonder. Toen al, maar nu helemaal… Wat een bijzondere inzichten had die man. Een levensvisie om bij stil te staan en die van jezelf eens onder de loep te leggen.

We hebben in onze woonkamer de vleugel van Joeri staan, daar passen en spelen we op tijdens zijn reis. Ik kan nog niet bevatten dat hij hem zelf niet meer op komt halen.

Ik zou duizend dingen willen schrijven over het gevoel dat ons overvallen heeft, Hoewel ik hier normaal gesproken niet zo cynisch over denk, lijkt voor dit moment steeds één zin alles te zeggen. Uit een liedje van Acda en de Munnik,

“God heeft zich weer een keer vergist”

Carolien Vermeij

Het digitaal tijdschrift voor economen:

Joeri wordt heel goed beschreven op de website van TPEdigitaal:

www.tpedigitaal.nl/memoriam_joeri_gorter

Maurik van Haagen:

Maurik van Haagen:Joeri, 2 jaar terug op Skadi samen gecoached, Joeri leren kennen als iemand met veel liefde voor het roeien en iemand die niet van half werk hield.
Na die periode vrienden gebleven,maar minder contact gehad. recent 2 weken terug gemaild naar aanleiding van zijn goede prestaties op het EK-roeifietsen.
Joeri wilde voor komend jaar alles eens geheel anders gaan aanpakken qua training en nog beter beslagen ten ijs komen, mailde hij vanuit de VS, vlak voor zijn doorreis naar Death Valley. We zouden na terugkomst snel gaan afspreken. helaas zal dit er nooit meer van komen.
Joeri je was een mooie kerel, iedereen zal je missen.
Veel sterkte voor vrienden en familie.Maurik

Een bericht in de krant

Een bericht in de krantDe Navajo Times van 17 october bericht over het fatale ongeluk en de oorzaak.
Klik op de foto om het bericht te vergroten

Cor Zwaag

Cor Zwaag
Joeri & CorElk jaar als ik inschrijf voor het EK, vraag ik aan Bep: “graag weer bij m’n vast makkers in hetzelfde huisje..”. Joeri hoorde er al 3 jaar bij. Samen met o.a. Jacques, Erwin, Ab, Jaap, Johan en ik. Jaap was na 9 jaar geveld door een griep, maar zien we volgend jaar weer. Zo zal het niet met Joeri zijn… We zullen deze prachtige vent, z’n gulle lach en interessante gesprekken missen.
Op Texel reden we met snoeiharde wind. Joeri met Theo op de tandem, ik was de andere roetser. Allemaal pracht herinneringen die ik zal koesteren.
Ik wens zijn vriendin, ouders, familie en roeifietsvrienden het allerbeste toe.
Cor Zwaag.

Wim Thijs

Wim ThijsWij, roeifietsers, hebben Joeri leren kennen op de Europese Kampioensschappen Roeifietsen en bij de Roeifietsvakanties op Kreta.

Roeifietsers zijn een wild boeket van vreemde vogels.
Onze lieve gekke Joeri paste daar meer dan uitstekend in;
hij was (zelfs in dit gezelschap) een zeer exotisch exemplaar.
Joeri heeft de laatste jaren geweldig genoten van de roeifiets;
en wij hebben die jaren geweldig genoten van Joeri.
Genoten van Joeri’s (al zovaak genoemde) hartelijkheid, intense aanwezigheid, veelkleurigheid, openheid, eigengereide denksels, levenslust, zijn vrolijkheid, van zijn ongelofelijke brede interesse, van zijn uiteenzettingen over DonQuichote. . . . .
…… Ik kom maar niet los van het idee dat hij het daarbij vaak over zichzelf had.

We hebben gesprekken gehad over de meest uiteenlopende filosofische onderwerpen, over de raakvlakken van onze dissertaties, over muziek.
…… Jammer dat ik hem nooit heb horen spelen.

We hebben genoten van zijn affiniteit met de vlijmscherpe Spinoza;
een scherpte die Joeri paste.
En wat hebben we genoten van zijn gepassioneerdheid.
Alles extreem. Snel de berg op. En dan nog verder. Nog harder.
Biertjes drinken, roken, eten. Veel en snel.
Geen tocht te ver. Geen berg te hoog.
…….. Ik vroeg me wel eens af wat zit je toch op de hielen, wat drijft je. Ik heb Joeri niet goed genoeg leren kennen om dat te begrijpen.

Joeri, altijd zo volledig bezig IN het moment dat hij alle andere dingen vergat.
Dan was hij weer een tasje vergeten, zijn kleren in een hotel laten liggen, zijn portemonnaije kwijt.
Zijn fiets kwijt – die roetsen lijken ook allemaal zo op elkaar!
In Georgioupolis was hij vergeten waar het hotel was.

Aan tafel zat zowat iedereen heel graag naast hem.
Bij Joeri was er altijd wel weer wat te beleven.
Het tafelen culmineerde steeds in hetzelfde. Het werd een ritueel.
Bij het betalen werd de rekening door het aantal personen gedeeld. Het kwam altijd op zo’n, 11 of 12 Euro neer. Ieder legt zijn 11 of 12 Euro op tafel. Jaap Meerman telde het geld na en dan was er altijd 11 of 12 Euro tekort. In koor riepen we dan ” Joeri !!! ”
Joeri was namelijk verzonken in zijn gesprek, of genoot van zijn toetje, of van de Raki, en had oog noch oor voor wat er verder speelde, zeker voor zoiets banaals als geld op tafel.
…..We hebben echt van Joeri genoten en hem in ons hart gesloten.
Joeri hoorde bij ons.

Het is hartverscheurend dat onze lieve gekke Joeri er niet meer is.
Joeri was een van ons.
Met Joeri is een stukje van ons verdwenen.
Maar wij zijn ook een stukje van Joeri.
Dat stukje van Joeri houden we, dat dragen we de rest van ons leven mee,
en dat stukje van Joeri koesteren we.

We zijn dankbaar dat we deze lieve gekke Joeri hebben mogen kennen.
Joeri heeft ons leven verrijkt.