Over kabels en onderhoud van de Thys 222

Staalkabels voor THYS 222

foto 1 (deze kabel is niet meer leverbaar).

foto 2.

foto 3.

Voor het standaard schakelsysteem (met de aangepaste derailleur) van de THYS 222 en 222 RR adviseren wij lichte roeiers de linkse kabel (foto 1). Deze heeft als grootste voordeel heeft dat hij de levensduur van de Snek verdubbelt. Bij de lichtere roeiers heeft de linkse kabel ook een langere levensduur.

De zware roeiers adviseren wij nu de CVT kabel (foto 2), deze is iets dikker en heeft een wat langere levensduur dan de watersport 7 x 19 kabel (foto 3). Ook de rechtse 3,2 mm kabel heeft een iets langere levensduur dan de 3,0 mm versie. De CVT kabel is het stilst.

Overigens is de linkse kabel is door zijn constructie minder geschikt voor de modellen die zijn voorzien van het CVT systeem, vanwege het veelvuldig vergrendelen.

Levensduur kabel THYS 222

Hoe groter de kracht op de kabel en hoe kleiner de diameter waarover de kabel moet draaien hoe korter de levensduur. Naarmate je het verzet groter kiest zal de kabel dus sneller slijten. Wanneer de kabel slipt op de Snek, gaat dit ook ten koste van de levensduur van de kabel maar vooral van de snek! Zorg dus altijd voor een goede grip door snek en aandrijfkabel vetvrij en schoon houden. Zorg voor voldoende spanning op de kabel (d.m.v. elastiek). Verder ondervindt de kabel meer slijtage wanneer deze na het schakelen tegen het derailleurpaaltje blijft lopen.

Levensduur snek

Hoe meer je in hetzelfde verzet rijdt hoe sneller je Snek versleten is. Veelvuldig op- en afschakelen mag dan iets ten koste gaan van de levensduur van de Snek, het in verschillende verzetten rijden is zeer bevorderlijk voor de levensduur.
Op een veel gebruikte roeifietssnek die (altijd) rechtsgedraaid is, is bij gebruik van de rechtse aandrijfkabel goed te zien dat de kabel het tussenwandje aan de buitenzijde wegvijlt; dat is de richting die de kabel uit wil door het uitdraaiende moment van de kabel. Met de linksgedraaide kabel is aan de Snek duidelijk waar te nemen dat hij het andere, hogere(!) tussenwandje opzoekt, hier staat meer materiaal en daardoor zal de kabel er ook beduidend langer overdoen om het tussenschot weg te slijten.

De snek op deze foto is ingesleten door een linkse kabel.

Ten opzichte van de nieuwe snek op deze foto is goed te zien wat de kabel doet: de kabel vijlt zichzelf langzaam in de Snek naar beneden toe en laat daarbij het tussenwandje voldoende intact. De wand wordt dun en scherp maar blijft aanwezig en functioneel.

De snek op de laatste foto is echter met een rechtse kabel ingesleten, waarbij het tussenwandje grotendeels versleten is. Ondanks het relatief korte gebruik, moet de snek toch al vervangen worden, daar het systeem automatisch en ongewild begint te schakelen.

Wanneer vervang je de aandrijfkabel?

Wanneer vervang je de aandrijfkabel?
Vermoeiingsbreuken ruim over de afkeurnorm

Bij een individueel rijgedrag en techniek behoort een bepaald slijtagepatroon van de kabel. Dit zal voor iedere roeifietser weer iets af kunnen wijken.
Controleer de kabel regelmatig op vermoeiingsbreuken en of kinken in de kabel: indien er een kink in de kabel zit moet hij vervangen worden.
Wanneer de voetenslee in de voorste positie wordt geplaatst zal het gedeelte van de aandrijfkabel met de meeste vermoeiingsbreuken zich kort voor de snek bevinden: aan de bovenzijde waar de kabel naar de voetenslee loopt. Bekijk dit stuk kabel eens aan de onderzijde, ofwel het gedeelte dat over de Snek loopt. Doe dit bij voorkeur met een loep. De kabel is aan vervanging toe zodra er op enige plek meer dan 10 breuken per 10 mm kabellengte zijn. Vertoont de kabel minder breuken, dan is het mogelijk deze kabel één keer om te draaien en nogmaals, achterstevoren, te gebruiken.

Levensduur aandrijfkabel in getallentot afkeurnorm*tot breuk
Rvs 7 x 19 rechts gedraaide watersportkabel,      3.0 mm200 - 600 km250 - 1000 km
Links gedraaide roeifietskabel150 - 800 km200 - 1200 km
CVT kabel225 - 700 km300 - 1200 km
RvS 7 X 19 watersportkabel      3,2 mm225 - 700 km300 - 1200 km

* Afkeurnorm: meer dan 10 breuken per 10 mm kabellengte

Wanneer vervang je de snek?

De snek is versleten zodra op enig punt van de snek de tussenwand tussen de groeven zover is weggesleten dat hij continu ongewild zelfstandig gaat schakelen (een enkele keer verspringen op slecht wegdek kan met de sneks uit 1999 en 2000 nog voorkomen).

Van de Sneks met spoed 4 mm, (gemaakt tot ongeveer juni 2000) is een levensduur vernomen van 2850 tot 7500 km. Alle Sneks gemaakt vanaf juli 2000 hebben een spoed van 4,5 mm. Dit houdt in dat tussen de 3 mm brede groeven nu een 1,5 mm tussenschot zit in plaats van voorheen 1 mm. Met deze simpele versteviging van het tussenschot is een levensduurtoename van 1,5 gerealiseerd zonder noemenswaardige invloed op het verzet.

Levensduur snek in getallenrechtse kabellinkse kabel
Sneks met 4 mm spoed2000 tot 5000 km3000 tot 8000 km
Sneks met 4,5 mm spoed3000 tot 5000 km4000 tot 10000 km

Levensduur kabel in de praktijk

In de praktijk is vastgesteld dat enkele zware jongens moeite hebben om 300 km te halen met een kabel. Hierbij spreken we over de oude roestvaststalen 7 x 19      mm rechtsgeslagen kabel. Bij deze zelfde kabel halen de lichtere roeiers echter een levenduur tot 1000 kilometer. Met de linkse variant hebben lichtgewicht roeiers zelfs 1200 km gehaald.

Uitrekken retourkabel

Het elastiek van de retourkabel rekt op den duur iets uit. Door het dyneemakoord bij de voetenslee in te korten of er een extra knoop in te leggen wordt de spanning weer op het juiste niveau gebracht.
Zet de roeifiets in het zwaarste verzet en/of haal de kabel van de boegkatrol af wanneer je de fiets enige tijd niet gebruikt. Dit bevordert de levensduur van het elastiek.

Checken en afstellen schakelsysteem Thys 222

Je moet even wennen aan het schakelsysteem omdat je de kabel iets verder moet duwen als je hem eigenlijk wilt hebben, door twee klikjes te geven en dan na de lange slag waarin de fiets schakelt moet je weer een klikje terug geven zodat de kabel niet tegen de derailleurstangen aanloopt. Als je een keer gewend bent aan deze manier van schakelen werkt het prima.

Het wil een enkele keer gebeuren dat (1 van) de stangetjes van het derailleur verbuigen. Als je wilt checken of dit bij jouw fiets het geval is ga als volgt te werk:

  • Controleer of de fiets een volle slag kan maken zonder dat de aandrijfkabel één van de derailleurpaaltjes raakt.
  • Controleer nadat je de aandrijfkabel verwijderd hebt of de stangetjes dichtbij de snek komen en deze net niet raken, controleer dit terwijl je de derailleur naar binnen en buiten beweegt (De minimale afstand tot de snek moet 5 tot 10 mm bedragen).
  • Buig zo nodig de derailleurpaaltjes bij.
  • Check dat het onderste stangetje in commandeurpositie 1 de spaken net niet raakt.
  • Stel de derailleurkabel zo af dat het derailleur in positie 1 het stangetje tot bijna tegen de spaken brengt.
  • Controleer nu of je door schakelen de kabel in alle verzetten kunt krijgen en stel eventueel de uiterste posities van het derailleur bij met de schroefjes aan de onderzijde van het derailleur.

© Copyright 1986 - 2012 Derk Thijs, rowingbike.com
HomeWinkelTechniekEK Roeifietsen
ModellenEvenementenHistorieContact
 Revolver
 CVT
 · Rijklaar maken 
 · Kabels voor 222 
 Instructievideo's
 Onderzoek TU Delft
 Roeivliegtuig
 Handboek
Naar boven